Le Grand Tour

408km – rit 2: Vleteren – Ruiselede

Op het einde van Le Grand Tour trekken we langs de grenslijn van de Eurometropool, een tocht van 408 kilometer. Van Armentières tot Ruiselede, van Enghien tot La Bassée. Op zoek naar de verhalen in de periferie van onze grensregio. In deze etappe trekken we door Midden-West-Vlaanderen naar Ruiselede, het meest noordelijke punt van de Eurometropool.

Sint-Sixtus

De eerste etappe eindigden we op het meest westelijke punt van de Eurometropool, in Roesbrugge. Vanaf hier zetten we in de komende tientallen kilometers koers naar het noordoosten.

Tournée générale (1)

We zouden dat in een rechte lijn kunnen doen. Maar als de Sint-Sixtusabdij in de buurt ligt, dan wijk je toch even van je lijn af?

Het abdijbier van Westvleteren is wereldberoemd.  De monniken brouwen de vermaarde “blond”, de “8” en de “12” om te voorzien in hun levensonderhoud. “Wij brouwen om te leven. Wij leven niet om te brouwen”, zeggen ze. Ze zouden hectoliters meer kunnen brouwen, maar dat doen ze dus niet. Dat maakt dat het bier een schaars goedje is. Als ik aankom aan de abdij staat een rij auto’s aan te schuiven, een aantal met Nederlandse nummerplaat. Dat zijn mensen die vooraf – online – hun bak bier hebben gereserveerd, via een loterijsysteem. Maar geen nood: je kan het nabijgelegen café binnen en de trappist is daar altijd ter beschikking. 

IMG_2603

N8

We dwarsen de N8. Een nationale weg zoals een ander. Maar in de Westhoek is dit een belangrijke levensader. En een bron van ergernis voor de bewoners die dagelijks tientonners voor hun deur zien en voelen passeren. Mobiliteit in de Westhoek is al jarenlang een heikele kwestie. Twee decennia geleden waren er nog plannen om de autosnelweg van Kortrijk naar Ieper door te trekken, maar dat botste op verzet. De jaren van studies en overleg zouden stilaan naar een duurzame oplossing moeten leiden, via een combinatie van kleinere ingrepen.

Dodelijk gifgas

Het is geen mooi oorlogsmonument langs de weg in Steenstrate. De auto’s razen ongeïnteresseerd voorbij op deze verbindingsweg. Maar er schuilt zoveel mensenleed achter dit grote kruis. En een gruwelijke primeur. Hier vond de eerste grote dodelijke gifgasaanval plaats van de Eerste Wereldoorlog.

Het Franse leger zette als eerste gas in voor militaire doeleinden. In 1914 lieten ze een vorm van traangas los op de Duitse tegenstander, maar met weinig effect. In datzelfde eerste oorlogsjaar poogden vervolgens de Duitsers een gasaanval, evenwel ook hier zonder veel erg omwille van de gebruikte kleine hoeveelheden. Het is pas in 1915 dat de Duitsers in Polen zich waagden aan een massale gasaanval, maar door de koude bevroren de chemicaliën.

De Duits-Joodse chemicus Fritz Haber stelde voor om voortaan te werken met chloorgas. Hij krijgt de kans om nabij Ieper zijn ideeën uit te testen.

Op 22 april 1915, laat Haber tussen Steenstrate en Langemark 5.730 cilinders chloorgas opendraaien. De gaswolk gaat over een breedte van zeven kilometer naar de loopgraven, op dat moment bezet door Bretoense en Algerijnse troepen. De soldaten schieten wild in het rond, niet wetend tegen welk wapen ze strijden. Ze stikken.

IMG_2626

Glastuinbouw

Ik kom stilaan terecht in Midden-West-Vlaanderen. De golvende heuvels dragen een allegaartje van fabrieken, huizen, wegen, schuren en vooral: serres.

Dit is landbouwgebied en veel boeren werken voor de diepvriesbedrijven in de regio. De serres zijn er om minder afhankelijk te zijn van ons klimaat. Zodat we lokale tomaten kunnen eten. We vergeten daarbij dat het meer energie verbruikt om ze lokaal te kweken – zonder nog te spreken van het ruimtebeslag en de impact op het landschap – dan ze uit zonnige landen te laten overkomen. 

Poelkapelle – Fedasil

Het opvangcentrum in Poelkapelle is een open opvangcentrum dat plaats kan bieden aan 265 asielvragers. Het centrum bevindt zich sedert 2010 in een vroegere legerkazerne. Er is vast geen plek die meer van een stedelijke kern ligt dan hier. Tussen de serres en de open velden passeert geregeld een bus. De halte wordt hier goed gebruikt. Maar het blijft een bizar zicht om mensen, die van over de hele wereld komen, hier langs de weg te zien sjokken, op zoek naar de dichtstbijzijnde winkel, kilometers ver.

IMG_2619

Staden ‘t Klavertje

Ik ga even langs bij de basisschool ‘t Klavertje in Staden. Hier wisselen de kinderen wekelijks nieuws uit met leeftijdsgenoten van de school Jules Michelet in Roubaix. Fysiek doet niks op deze plek ons denken aan deze drukke dense Franse stad. Dat maakt de uitwisseling zo surreëel en leuk.

Lichtervelde 

We bevinden ons in hartje West-Vlaanderen in een gemeente met ongeveer 8.500 inwoners. Toch bevindt zich hier één van de drukste stations in de wijde omtrek. Hier kruisen immers de spoorverbindingen tussen Kortrijk en Brugge en die van Gent naar De Panne. 

In 1847 opende de “Chemins de Fer de la Flandre Occidentale” een station in Lichtervelde. De toenmalige burgemeester Michiel Surmont was bij de pinken. Hij wilde zijn gemeente centraal op de lijn. Op de spoorwegkaart zie je die lijn zelfs een knikje maken richting het centrum. Het toeval wil ook dat de burgemeester op die plek ook veel grond in bezit had.

belgian_railway_line_66.png

In 1858 werd de verbinding Lichtervelde-Veurne aangelegd. Je zou verwachten dat de kruising van de spoorlijnen in Roeselare zou liggen, een centrumstad, maar dat was buiten de Katholieke Volkspartij van die stad gerekend die al dat verkeer tussen de steden niet zag zitten. Met het verkeer zouden stedelijke en mogelijks socialistische invloeden binnenkomen. Ook dat was buiten Surmont gerekend, die door zijn acties van het station Lichtervelde een drukke plek maakte.

IMG_2641

Egem

De zendmast van Egem, 305 meter hoog. De hoogste constructie in België. Later in deze trip komen we nog zendmasten tegen. Want dat is het lot van de periferie. Hier gaan signalen door. Transitverkeer.

Wingene-Ruiselede

Op de grens van Wingene met Ruiselede bevindt zich het natuurgebied De Gulke Putten. Hier bevinden zich de ‘Radio Maritieme Diensten Ruiselede’. Het aanvankelijke ‘Radiozendstation Belradio’ werd gebouwd in 1927 en maakte verbindingen mogelijk op lange afstand, tot in New York. De toenmalige acht zendmasten waren elk 284 meter hoog.

Nu staan er nog vier kleinere zendmasten. Vanaf de jaren vijftig was dit de infrastructuur om verbinding te maken met schepen over heel de wereld, via radio en later telex. Satellietverbindingen maakten deze dienst overbodig. Sinds 1997 is enkel het leger hier nog actief.

In de volgende etappe trekken we vanuit Ruiselede naar het zuiden van de provincie West-Vlaanderen waar we de gewestgrens oversteken naar Wallonie picarde. Daar trekken we langs de taalgrens naar Enghien.